De huurder is het niet eens met de jaarlijkse huurverhoging. In welke gevallen kan de huurder bezwaar maken bij de verhuurder?

Er is sprake van een jaarlijkse reguliere huurverhoging wanneer de verhuurder de huur verhoogt met een percentage tot maximaal 5,1%. Dit is toegestaan bij de huurder met een huishoudinkomen lager dan € 43.574.

Om de volgende redenen kan de huurder bezwaar maken tegen de huurverhoging:

  • De nieuwe huurprijs komt boven de maximale huurprijs te liggen volgens de puntentelling die bij de woning hoort.
  • De verhuurder verhoogt de huur voor de tweedekeer in 1 jaar.
  • In het voorstel voor de huurverhoging staan fouten, bijvoorbeeld een verkeerde ingangsdatum of huurprijs.
  • De huurder heeft het huurverhogingsvoorstel minder dan 2 maanden voor de ingangsdatum ontvangen.
  • De huurder heeft een procedure over onderhoudsgebreken bij de Huurcommissie lopen.
  • De Huurcommissie heeft de huur tijdelijk verlaagd wegens onderhoudsgebreken en de gebreken zijn nog niet verholpen.
  • De verhuurder hanteert een all-in-huurprijs. De kale huur is niet bekend en de verhuurder mag alleen over de kale huur de huur verhogen.  De verhuurder mag daarom geen huurverhoging voorstellen.

De huurder moet voor de ingangsdatum van de huurverhoging bezwaar maken bij de verhuurder, bijvoorbeeld met het bezwaarschrift jaarlijkse huurverhoging voor zelfstandige woonruimte of het bezwaarschrift jaarlijkse huurverhoging voor onzelfstandige woonruimte.