Hoe lang mag de verhuurder de gebruiksvergoeding aan de huurder doorberekenen?

De gebruiksvergoeding mag de verhuurder voor 5 of 10 jaar doorberekenen. Voor roerende zaken die 5 jaar meegaan, mag de verhuurder 5 jaar lang een gebruiksvergoeding vragen, voor de roerende zaken die 10 jaar meegaan, mag de verhuurder 10 jaar lang een gebruiksvergoeding vragen.

Na de 5 of 10 jaar wordt de waarde van de roerende zaak opnieuw bepaald. De Huurcommissie gaat ervan uit dat na 5 of 10 jaar de roerende zaak nog 60% van de oorspronkelijke waarde heeft. De verhuurder mag daarna weer jaarlijks 20% of 10% over de nieuwe waarde van 60% doorberekenen aan de huurder.

Als de roerende zaak geen waarde meer heeft, mag de verhuurder geen gebruiksvergoeding meer doorberekenen aan de huurder.

Voorbeeld 

De verhuurder verhuurt een woning met gordijnen ter waarde van € 300,00. De geschatte levensduur van de gordijnen is vijf jaar. Voor de gordijnen kan een jaarlijkse gebruiksvergoeding in rekening worden gebracht van 20% van € 300 = € 60.

Na vijf jaar blijken de gordijnen nog van waarde te zijn. De waarde van de gordijnen wordt bepaald op 60% van € 300 = € 180. De jaarlijkse gebruiksvergoeding hiervoor bedraagt dan 20% van € 180 = € 36. Na weer vijf jaar zijn de gordijnen versleten en hebben ze geen waarde meer. De verhuurder mag dan geen vergoeding meer berekenen.